Rollin’ Down to Old Maui

(Bron: Zingerij Dwarsgetuigd Nuenen)

 

Rollin’ Down to Old Maui

 

1.  ‘t Is a rough tough life full of toiland strife

We whalermen undergo,

And we don't give a damn when the gale is done

How hard the winds do blow.

For we're homeward bound,

't is a damn fine sound

With a good ship, taut and free,

And we don't give a damn when we

drink our rum

With the girls of Old Maui

       Rollin’ down to Old Maui, me boys

          Rollin’ down to Old Maui

    We're homeward bound from the Arctic Ground

     Rollin’ down to Old Maui

 

2. Once more we sail with a Northerly gale

   Through the ice, and sleet, and rain

And them coconut fronds in them tropical lands

Oh, we soon shall see again

Six hellish months we passed away

In the cold Kamchatka Sea

But now we're bound from the Arctic ground

Rollin’ down to Old Maui

 

3. We'll heave the lead where old Diamond Head,

    Looms up on old Wahoo

    Our masts and yards are sheathed with ice

And our decks are hid from view

The horrid ice of the sea-cut tiles

That deck the Arctic Sea

Are miles behind in the frozen wind

Since we steered for Old Maui

 

4. How soft the breeze of the tropic seas

Now the ice is far astern,

And them native maids in them island glades

Are awaiting our return.

An' their big, black eyes even now look out

Hoping some fine day to see

Our baggy sails running 'fore the gales

Rollin' down to Old Maui

 

5. An' now we sail with a favorable gale

Towards our Island home

Our mainyard sprung, all whaling done

And we ain't got far to roam

Our stuns'l booms are carried away

What care we for that sound?

A living gale is after us

Thank God we're homeward bound

 

6. And now we're anchored in the Bay

With the Kanakas all around

With chants and soft aloha-oes

They greet us homeward bound

And now ashore we'll have good fun

We'll paint them beaches red

Awakin' in the arms of an island maid

    With a big, fat, aching head.

 

Rollend op weg naar oud Maui

 

1. ‘t Is een ruw hard leven vol gezwoeg en strijd

    Waaronder wij walvisvaarders lijden,

    En we geven er geen klap om als de storm voorbij is,

    Hoe hard die winden dan nog waaien.

    Want we zijn op weg naar huis,

    dat is een verdomd mooi geluid

    Met een goed schip, degelijk en gewillig,

    En het kan ons niet verdommen als we

    onze rum drinken

Met de meisjes van Oud Maui

      Rollend op weg naar Oud Maui, m’n jongens,

      Rollend op weg naar Oud Maui,

      We zijn op thuisreis van de Arctische gronden,

      Rollend op weg naar Oud Maui,

 

2. Opnieuw zeilen we met een noordelijke storm

    Door het ijs en natte sneeuw en regen,

    En die kokosnootbladeren in die tropische landen,

    Oh, we zullen ze spoedig weer zien.

    Zes helse maanden brachten we door

    In de koude Zee van Kamtchatka,

    Maar nu zijn we vanaf de Arctische gronden op weg,

    Rollend op weg naar Oud Maui.

 

3. We zullen het lood uitgooien waar die oude Kaap  

    Diamant opdoemt op dat oude Wahoo.

    Onze masten en raas zijn overdekt met ijs

    En onze dekken zijn aan het zicht onttrokken.

    Het angstaanjagende ijs van de door de zee gebroken

    schotsen die de Arctische Zee bedekken

    Liggen nu mijlen achter ons in de ijzige wind

    Sinds we koers hebben gezet naar Oud Maui

 

4. Hoe zacht is de bries van de tropische zee,

    Nu het ijs ver achter ons ligt,

    En de inlandse meiden tussen de bomen van het eiland

    wachten op onze terugkeer.

    En hun grote, zwarte ogen kijken nu al uit,

    Hopend op een mooie dag onze bollende zeilen te

    zien vliegen voor de storm,

    Rollend op weg naar Oud Maui.

 

5. En nu zeilen we met een gunstige storm

    Naar ons eiland thuis.

    Onze grootzeilra gebarsten, de walvisjacht klaar

    En we hoeven niet ver meer te zwerven.

    Onze lijzeilspieren zijn weggeslagen

    Waarom ons zorgen maken om dat lawaai?

    Een stevige storm waait in onze rug,

    Godzijdank zijn we op weg naar huis.

 

6. En nu liggen we voor anker in de baai,

    Met de Kanaken overal om ons heen,

    Met gezang en zachte aloha’s

    Ze begroeten ons, thuisreizigers.

    En nu zullen we aan wal flink plezier maken,

    We zetten op die stranden de bloemetjes buiten.

    En worden wakker in de armen van een eilandmeisje

    Met een grote, zware, houten kop.

 

 

Met ‘homeward bound’ wordt altijd de reis naar de thuishaven van het schip bedoeld. De zeelieden

hadden hun thuis verspreid over de hele wereld, en velen, zelfs kapiteins, hadden geen ander thuis

meer dan een schip.

 

Rollin’ Down =  Bedoeld is hiermee de rollende beweging van het schip, het slingeren van stuurboord naar bakboord en terug.

 

Oud Maui =  Maui is één van de Hawaii-eilanden. In dit geval ook hun thuishaven. 

 

kokosnootbladeren = De bladeren van de kokospalm waar de meisjes hun rokjes van maakten.

 

Kamtchatka  = Kamtchatka moet hier zijn Kamtchatka Sea, nu de Bering Zee.

                       Kamtchatka zelf is een schiereiland in het uiterste Oosten van Rusland.

 

het lood uitgooien = Het dieplood om de diepte te peilen.

 

Wahoo = een verbastering van Oahu, één van de eilanden van de Hawaii-groep.

             Op dit eiland vind je o.a. Honolulu, Pearl Harbour en Waikiki Beach.

 

Het angstaanjagende ijs = Het ijs boezemde vrees in, want in 1871 vergingen 31 walvisvaarders,

                                         gekraakt in het ijs van de Bering Zee.

 

Een gunstige wind = een wind waarop een schip een mooie snelheid kan lopen direct op haar doel af.

 

Onze grootzeilra gebarsten = Op weg naar huis werd wel eens te veel zeil gevoerd waardoor delen

                                               van de tuigage het begaven. Masten en ra’s waren toen nog van hout gemaakt.

 

lijzeilspieren = Bij zwakke winden werden de ra’s verlengd met dunnere rondhouten om naast de razeilen

                       lichtweerzeilen te kunnen zetten (studding sails).

                       Deze extra rondhouten heetten studding-sail booms, lijzeilspieren.

 

lawaai = Als de lijzeilspieren braken bleven de zeilen hangen, het klapperen maakte een hels kabaal.

 

Kanaken = De bewoners van Hawaii werden Kanaka’s of Kanaken genoemd. Later werd deze benaming

                gebruikt voor bewoners van een veel groter deel van de Stille Zuidzee.

 

Aloha = een Hawaiiaanse begroeting.

 

To paint the town red = de bloemetjes buiten zetten